Tag: Werving-en-selectie

3 Management trends die ontbraken in de Top 10 2021.

Als je een jaarlijkse Top 10 opmaakt op basis van het aantal views en de tijdsduur die er gemiddeld genomen naar werd gekeken/gelezen, dan zijn er altijd onderwerpen/trends die de jaarlijkse lijst mislopen. Da’s ook dit jaar het geval. Omdat er in deze 2021 entries management trends/onderwerpen worden behandeld die volgens mij voldoende actueel zijn én relevant voor 2022 plaats ik hier 3 aanvullingen op de Top 10 2021.

“Wen er maar aan. Door vergrijzing, ontgroening en trage groei van de arbeidsproductiviteit is de krapte een structureel verschijnsel. Nederland heeft te weinig mensen voor te veel werk en dat blijft nog wel even zo.” merkte Het FD columnist Mathijs Bouman in augustus op. Eén van de bedrijven die op dat moment v.w.b. het tekort aan medewerkers en de gevolgen daarvan voor klanten maar ook voor de samenleving, ‘onder vuur lag’ was ProRail. Opmerkelijk was nu dat juist ProRail leek te voldoen aan dat wat cruciaal is voor strategisch mensmanagement nl. een beleid. Waar ging het dan toch mis? Dat antwoord vond je in de entryHadden we dit maar eerder gedaan: Strategisch HRM……‘(1)

Max Verstappen Wereldkampioen: Impossible Dream.

Impossible Dream‘. De F1 race was op zondag 12122021 nog niet gereden of MaxMania had Nederland in z’n greep. Dat zegt zeker iets over onze volksaard…..

Max Verstappen is Wereldkampioen in de koningsklasse van de autosport. Een uitzonderlijk sporttalent voorzien van de genen van zijn moeder en cartkampioen Sophie Kumpen en zijn vader F1 coureur Jos Verstappen. Dankzij de drive van zijn vader, het visionair leiderschap van Helmut Marko, het missie gedreven leiderschap van Christian Horner, onderschat ook niet de rol van een ‘wingman‘ als ‘Checo’ Perez zoals gisteren overduidelijk bleek, de 850 talentvolle monteurs e.a. ondersteunende medewerkers in dienst van Red Bull Racing & Red Bull Technology en zonder de superieure techniek van F1 Honda Racing, zou het gisteren zelfs voor Max sowieso ‘a hell of a job‘ worden. Maar uiteindelijk geldt ook hier: het verschil tussen geluk en pech is flinterdun.

Boek van de week

Arbeidsmarkt oververhit, toch is Erik nog steeds niet weg……

Fleur heeft haar baan opgezegd, Fleur vertrekt. Onmiddellijk na dit bericht boden eerst haar manager en vervolgens haar directeur Fleur een salarisverhoging aan. Fleur twijfelde even maar gaat toch per 01 november a.s. in dienst bij haar nieuwe werkgever. Fleur is na 7 jaar op zoek naar een nieuwe uitdaging en er is aanbod genoeg.

03 januari 2018 zag ik bij het NOS journaal Erik. Erik zei tegen de journalist: “Op Linkedin krijg ik heel erg veel verzoeken, vooral van recruiters. Ik word helemaal gek gegooid met al die berichtjes. Maar ik zit hier op m’n plek, ik heb het naar mijn zin bij dit bedrijf.” Erik heeft een functie waar naar toen maar ook nu veel vraag is. Vooraf aan dit bericht heb ik op LI nog even gekeken maar Erik zit nog steeds op z’n plek, is bij zijn huidige werkgever nog steeds niet weg, waarschijnlijk heeft Erik nu al voldoende uitdaging.

Vrouwenquotum: ideaal of no-go?

Als je in de 2e helft van je loopbaan zit en je hebt in recente decennia met regelmaat het glazen plafond geprobeerd te doorbreken zonder dat het brak, zonder dat er maar een barst in verscheen, kan ik me voorstellen dat voor het restant van je carrière een vrouwenquotum op een goed moment komt. Behoor je echter tot een jongere generatie vrouwen dan vraag ik me af of het vrouwenquotum wel zo ideaal is voor een carrière die nog enige tijd gaat duren. Onze dochters raad ik iig niet aan in te gaan op een voorstel van een nieuwe uitdaging bij een werkgever die daarvoor in 1e instantie het wettelijk quotum hanteert.

Op het moment dat ik het bericht las in Het FD ‘Vrouwenquotum voor raden van commissarissen van grote bedrijven‘ dacht ik aan 2 recente berichten: in het NRC ‘Is hier bij defensie nog wel plek voor mánnen?’ resp. (opnieuw) in Het FD ‘We moeten wennen aan een ‘hele grote mevrouw’ als Sigrid Kaag.’

De opmerking van de (niet alleen witte) mannelijke cadetten is terecht want: als je een groep bevoorrecht is het gevolg dat je een andere groep benadeelt. Als je ziet/leest wat er allemaal over Sigrid Kaag wordt uitgestort, dan lijkt de Top voor een vrouw, maar ook voor iemand uit een ondervertegenwoordigde groep ‘a Hell of a Job‘.

Nog meer mensen in de Zorg? Een utopie!

“Werkt nu ongeveer één op de zeven werknemers in de zorg, over veertig jaar moet dat één op de drie werknemers zijn om in de zorgvraag te kunnen voorzien. Dit maakt de personele houdbaarheid tot een urgenter probleem dan de betaalbaarheid.” Als oplossing van dit probleem ziet de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) het in het buitenland werven van zorgmedewerkers. Dan kom je al snel terecht in Afrika: de gemiddelde leeftijd van de werknemers is daar 25, opleidingen in een aantal Afrikaanse landen worden steeds beter. Maar de vraag is of zij naar de EU, laat staan NL, willen komen; wat te denken van ‘iets’ als huisvesting?

40 jaar is lang, héél lang, ik maak dat waarschijnlijk niet meer mee of de wetenschap rondom gerontologie biedt mij levensvatbare opties. Dat gezegd vroeg ik me af, op het moment dat ik de berichtgeving rondom het WRR rapport ‘Kiezen voor houdbare zorg. Mensen, middelen en maatschappelijk draagvlak‘ las: beschikt de Wetenschappelijk Raad over voldoende realiteitszin? Wat te denken bijvoorbeeld van een alternatief als technologische ontwikkelingen? Maar ook: wat te denken van nieuwe toetreders op de zorgmarkt? Want een interessante ‘markt’, dat blijft de Zorg de komende 40 jaar zeker.

Hadden we dit maar eerder gedaan: Strategisch HRM……

“Wen er maar aan. Door vergrijzing, ontgroening en trage groei van de arbeidsproductiviteit is de krapte een structureel verschijnsel. Nederland heeft te weinig mensen voor te veel werk en dat blijft nog wel even zo.” Mathijs Bouman in Het FD: ‘Kost het banen?‘ 180821 “De personeelstekorten vertalen zich langzaam maar zeker in hogere cao-lonen. Voordat iedereen dat voorbeeld volgt, is het goed te bedenken dat de huidige gekte tijdelijk van aard is. (….) Dat neemt niet weg dat werkgevers de komende jaren rekening moeten houden met structurele schaarste. Vergrijzing beperkt én verschraalt het aanbod van personeel. De markt vraagt om vaardigheden die oudere werknemers niet hebben aangeleerd. Er moet veel meer gebeuren om werkenden voortdurend bij te spijkeren.” commentaar van/in Het FD ‘Krapte op de arbeidsmarkt gaat niet zomaar weg‘ 190821.

Analyses en commentaren zijn mooi zeker als het ‘kraakt en piept’ in nagenoeg alle sectoren: er zijn voor het eerst in 50 jr meer vacatures dan werklozen, een praktijkvoorbeeld is vaak beter op of z’n minst aansprekender. Zo’n voorbeeld levert ProRail.

Salarisonderhandelingen: een Catch-22 voor vrouwen.

Hoe hoger een vrouw door de lagen van een organisatie stijgt, het ‘glazen plafond’ doorbreekt, hoe meer tegenslag zij ervaart als ze assertief over haar salaris onderhandelt – een fenomeen dat bijdraagt aan de genderkloof in een organisatie, suggereert nieuw onderzoek. (NB; in 2019 was het gemiddelde bruto-uurloon van vrouwen 14 procent lager dan het gemiddelde bruto-uurloon van mannen: ‘genderkloof’. Bron CBS.nl).

De onderzoekers vonden bewijslast dat vrouwen die zich aan de onderhandelingstafel gesterkt voelden omdat zij o.m. beschikten over alternatieven en daarmee assertiviteit toonden, meer kans hadden om slechtere deals of helemaal geen deal te sluiten. De resultaten bleven dezelfde ongeacht het geslacht van hun onderhandelingspartners: niet een vrouw die een vrouw voortrekt, dus. Bron: ‘The Dynamics of Gender and Alternatives in Negotiation’, Zlatec, Dannals, Halevy & Neale (2021).

Het lijkt er op dat deze bevinding van de onderzoekers in tegenspraak is tot dat wat Sheryl Sandberg met haar boek Lean In (2013) adviseerde aan de vrouwen nl.: toon in je carrière meer ambitie(!), in de veronderstelling dat vrouwen daarin te weinig assertief zouden zijn. Bij een salarisonderhandeling lijkt deze aanpak van (meer) assertiviteit echter contraproductief.

Don’t fix the women, fix the system: De war of talent winnen? Focus op diversiteit!

“Gefeliciteerd met Internationale Vrouwendag!”, zei iemand afgelopen 8 maart tegen mij. Pas als er geen sprake meer is van een pay-gap van veertien procent, er gelijke kansen zijn voor vrouwen én er meer vrouwen in key-posities van organisaties zitten… Dán mag je me feliciteren! Mijn missie is om Nederland ‘inclusiever’ te maken. In dit artikel geef ik praktische handvatten hoe je in jouw organisatie of team diversiteit kunt stimuleren.

Het biedt veel kansen voor organisaties en medewerkers om verschillen tussen mensen te benutten. Vrouwen blijken vandaag de dag echter nog op elk niveau in organisaties ondervertegenwoordigd, zo komt uit onderzoek van organisatieadviesbureau McKinsey.[1] Ook ontbreken in organisaties de vrouwelijke rolmodellen. Zo heeft twee derde van de grote bedrijven nog geen enkele vrouw in het bestuur.[2] Om de cijfers te veranderen, moeten bedrijven zich concentreren op waar het echte probleem zit. Want het verzilveren van de kansen die inclusie biedt, levert dubbele winst op: voor bedrijven én voor medewerkers.

Belastingdienst op weg naar een ‘Klantcentrische’ Dienstverlening. Zou ‘t?

‘De cultuur van de Belastingdienst is nog niet voldoende op verbetering van dienstverlening gericht: (Meer) dienstverlenend zijn is wel deel geworden van de visie/ambitie van de Belastingdienst maar nog niet van het DNA.’ Concludeert EY in hun rapport ‘Handelingsperspectieven onderzoek fundamentele transformatie dienstverlening’. N.a.v., niet alleen, de recente bevindingen van de kindertoeslagaffairecommissie, is daarvoor zeker ‘iets’ te zeggen. ‘Personen met geloofwaardigheid op het terrein van ‘klantgerichte’ dienstverlening dienen als boegbeeld voor de verbetering van dienstverlening te fungeren.’ Stelt EY dan ook voor.

Voor het begrip ‘klantcentrisch dienstverlening’ hanteert EY als definitie: ‘daarmee wordt dienstverlening bedoeld die vanuit het perspectief van (verwachtingen en behoeften van) burgers, bedrijven en hun intermediairs is ontworpen en/of ingeregeld’. De indruk die je daarbij krijgt is: ‘u roept, wij draaien’. Om dit (toch) te kunnen realiseren stelt EY de invoering van ‘dienstverleningsmissies’ voor: ‘Dienstverleningsmissies zijn beschrijvingen van de waarde die de Belastingdienst wil leveren voor een bepaalde doelgroep of specifiek segment daarbinnen en geven richting aan de ontwikkeling van verbeterinitiatieven voor de komende 1-2 jaar.’ Vbld van zo’n ‘dienstverleningsmissie’: Toeslaggerechtigden met als slogan ‘Help de Toeslaghulpverlener’.

Dat zou idd mooi zijn maar de Dienst is nog lang niet op dat niveau. De vraag is zelfs (of past hier beter: ‘opnieuw‘?) of ze daar ooit komen…..

Betere banen creëren in een tijdperk van Intelligente machines

In tweeënhalf jaar tijd zijn autonome voertuigen, robotica en kunstmatige intelligentie er opmerkelijk snel op vooruitgegaan. Maar de wereld is daarmee niet veranderd, op zijn kop gezet door automatisering en disruptieve technologieën, net zo min als de arbeidsmarkt. Ondanks enorm investeringen zijn de technologische deadlines opgeschoven, als onderdeel van een normale evolutie, terwijl ademloos gevolgde beloften veranderen in proeftuinen, in bedrijfsplannen en (te) vroege implementaties – allemaal het ijverige, zij het het prozaïsche werk om echte technologieën te laten werken in een echte omgeving, dat om te voldoen aan de eisen van hardnekkige/eigenwijze klanten en managers.

Maar als ons onderzoek de dystopische visie van robots die arbeiders van fabrieksvloeren laten verdwijnen of kunstmatige intelligentie die menselijke expertise en oordeelsvorming overbodig maakt niet bevestigde, maakte het onderzoek wel iets duidelijk dat even schadelijk is: midden in een technologisch ecosysteem dat een stijgende productiviteit oplevert en een economie die veel banen oplevert (tenminste tot de COVID-19-crisis), vonden we een arbeidsmarkt waarin de vruchten ongelijk verdeeld zijn, vruchten leidend naar de top van de organisaties en de top van de samenleving zodat de meerderheid van de medewerkers maar een heel klein beetje proeft van een enorme oogst.