Invloed van de Impliciete Doelstelling van de Organisatie, het Bestaansrecht, op het Financieel Resultaat.

Het expliciete strategische doel van de organisatie bepaalt acties en richting. Het legt de basis voor winstmaximalisatie en continuïteit. Het impliciete bestaansrecht van de organisatie bepaalt de maatschappelijke rol: wat wil de organisatie aan de maatschappij bijdragen? Deze laatste rol faciliteert het strategisch doel en legt de basis voor het realiseren van dat doel. Beiden kunnen correleren: Visie <=> Missie, maar d.i. niet altijd het geval. Als dat niet het geval is, kan dit tot onrust leiden onder de medewerkers, aandeelhouders, stakeholders: wil een organisatie voldoen aan het impliciete doel, het bestaansrecht, dan kan dat het financiële doel onder druk zetten. Kan het ook anders?

De doelstelling van een organisatie ligt (vaak) vast in officiële documenten of staat geëtst in plaquettes aan de muur. Het bestaansrecht is lang niet altijd een formele aankondiging, of een standpunt ingenomen door een leider. In dat geval wordt het vervolgens bepaald door medewerkers die geloven in en handelen naar het behalen van het, vaak impliciete en door hen van het bestaansrecht afgeleide, doel.  Het realiseren van dat impliciete doel: het bestaansrecht, is dan ook alleen effectief op het moment dat het feitelijk wordt overgenomen door medewerkers binnen het bedrijf – commitment. Er kunnen dan ook 2 organisatiedoelstellingen zijn: het expliciete c.q. formele en het impliciete c.q. informele.

Als we uitgaan van het bestaansrecht of impliciete doel dan ligt hier een uitdaging voor academici om het zinvol te bestuderen en vervolgens voor het creëren van maatregelen op bedrijfsniveau. Dat deden Claudine Gartenberg, Andrea Prat en George Serafeim

Soms wordt het bestaansrecht benoemd zoals door VIRGIN’s CEO Richard BransonIt’s always been my objective to create businesses with a defined Purpose beyond just making money… our newest investment in OneWeb is also very much a Purpose-driven business, looking to create the world’s largest constellation of satellites to bring connectivity and communications to billions who don’t have access to the web.” Ander voorbeeld UNILEVERS Paul PolmanWe have committed to help provide good hygiene, safe drinking water and better sanitation for the millions of people around the world who are still denied these basic human rights… It is about opportunity and aligning our purpose in business with this opportunity.”

Volgens deze CEO’s is het het concentreren op het creëren van een sterk gevoel voor het bestaansrecht van het bedrijf dat financieel succes wordt gegenereerd. Met andere woorden, het nastreven van het strategisch doel wordt vergemakkelijkt door het bestaansrecht en maakt vervolgens het nastreven van zakelijke doelen mogelijk. Het bestaansrecht kan invloed hebben op financiële prestaties omdat het de inzet van medewerkers, klantloyaliteit en tevredenheid verhoogt, het stelt een bedrijf in staat relaties te leggen buiten de directe invloedssfeer, te decentraliseren, het schermt een organisatie af van korte termijn druk.

Gartenberg et al onderzochten de invloed van een impliciet doel als het bestaansrecht op het financieel resultaat van de organisatie en legden aan medewerkers stellingen voor als: “Mijn werk heeft een speciale betekenis: dit is niet alleen een baan”; “Ik voel me goed over de manier waarop wij bijdragen aan de gemeenschap “; “Als ik kijk naar wat we bereiken, voel ik een gevoel van trots”; “Ik ben trots om anderen te vertellen dat ik hier werk. “. Het zijn stellingen die ook terug komen in een Investors in People High Performance meting.

De onderzoekers onderkenden 2 type organisaties:

  • The first group, High Purpose Camaraderie Organizations, includes organizations that score high on purpose and also on dimensions of workplace camaraderie (e.g. “This is a fun place to work”; “We are all in this together”; “There is a family or team feeling here”);
  • The second group includes High Purpose-Clarity Organizations that score high on purpose but also on dimensions of management clarity (e.g. “Management makes its expectations clear”; “Management has a clear view of where the organization is going and how to get there”).

Vervolgens concludeerden de onderzoekers dat de High Purpose-Clarity Organization superieure financiële resultaten en dito prestaties op de aandelenmarkten laat zien. “Our results hold after controlling for the full set of factors that score companies on the other measured dimensions of workplace practices, as well as our measure of overall level of employee satisfaction, so it is unlikely that a correlated omitted variable relating to employee beliefs is driving the association we document. In nearly all specifications, we also find a significant association even after controlling for the lagged level of the dependent variable, mitigating concerns about reverse causality. We also estimate regressions with firm fixed effects on a balanced sample of firms over time.”

De onderzoekers trekken nog enkele interessante conclusies:

  • “Ten eerste vinden we systematische verschillen tussen werknemersniveaus in hun perceptie van het bestaansrecht: hoe hoger de positie van de medewerker, des te sterker is het door hen waargenomen bestaansrecht van de organisatie;
  • Ten tweede, en het meest relevant voor ons onderzoek: het zijn uitsluitend de midden managers en de professionals in de organisatie die de relatie beïnvloeden tussen de “Purpose-Clarity“-organisatie en de financiële prestatie. We vinden geen correlatie voor senior executives, de verkoop afdeling en medewerkers op lagere posities.”

De 1e bevinding is niet zo verrassend, de 2e wel. Opmerkelijk natuurlijk de rol, of juist niet, van Verkoop. Dat team blijkt m.n. gevoelig te zijn voor ‘High Purpose Camaraderie‘; als je verkoopteams kent dan is die conclusie mogelijk niet verrassend. V.w.b. de rol c.q. invloed van CEO’s as Branson en Polman: zij blijken ‘slechts’ richting aan te geven. De ‘vertaalslag’, vervolgens gemaakt door het midden-management, is bepalend voor de bijdrage van het impliciete doel ‘bestaansrecht’ aan het financieel resultaat van de organisatie. Bron: Corporate Purpose and Financial Performance; Claudine Gartenberg, Andrea Prat, George Serafeim

Kortom: de High Purpose-Clarity organisatie, de organisatie die een hoge mate van duidelijkheid heeft over het bestaansrecht, heeft een belangrijke invloed op resultaat en continuïteit. Dus: samen op weg naar de HPC!

Willem E.A.J. Scheepers

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *