Tag: Overheid

Als je kan Disrupteren, Disrupteer dan (om concurrentievoordeel te behalen).

Terwijl je buren weigeren om nog langer pakketjes in ontvangst te nemen die POSTNL/DHL/FEDEX voor je heeft, wordt tijdens CES 2017 de bestelbus met geïntegreerde drone geïntroduceerd.

De bestelbus, een MERCEDES Vision Van, van de pakketbezorger rijdt je straat in. De bezorger belt op je huisadres aan: helaas, niemand thuis. De bezorger activeert vervolgens de drone die zich bevindt op het dak van de bestelbus. Pakketje in de drone, met de afstandsbediening stuurt de bezorger de drone met pakket over je huis naar de fietsenstalling in je achtertuin, ‘bezorgt’ daar het pakket en haalt de drone weer terug.

Je bent nooit meer tot overlast voor je buren….

Masterscriptie ‘Wat beweegt ambtenaren?’

Allereerst: waarom is de titel van mijn onderzoek: “Wat beweegt ambtenaren?”

In de eerste plaats is deze prikkelende titel een knipoog naar het beeld dat buitenstaanders hebben van ‘de stereotype ambtenaar’. Vaak genoeg worden er grapjes gemaakt over een ambtenaar die gedurende de dag lekker zijn krantje zit te lezen en doorlopend koffie drinkt, alleen maar van 9 tot 17 aanwezig is en een behoorlijk stoffig imago heeft. Veel ambtenaren zorgen zelf voor een uitvergroting van die stereotype beelden door bijvoorbeeld te zeggen: “Druk weekend gehad, maar gelukkig ben ik ambtenaar en kan ik de hele week bijkomen van het drukke weekend.”

Het externe beeld van de stereotypen ‘de overheid werkt slecht’, ‘ambtenaren zijn lui’ en ‘ambtenaren zijn bureaucratisch’, komt niet overeen met mijn interne beeld dat ambtenaren volop in beweging zijn. Ambtenaren zijn werkzaam in een snel veranderende omgeving die continu in ontwikkeling en beweging is. Ambtenaren kunnen niet achterblijven en moeten in beweging komen!

Boek van de week

Opleidingen

Bekijk alle opleidingen

ALLIANDER, over Fatsoen en Respect.

De inkt van de entry over IMTECH was nog maar net droog, of een nieuwe uitdaging diende zich alweer aan: ALLIANDER. ALLIANDER’s bestuursvoorzitter Peter Molengraaf en financieel topman Mark van Lieshout ontvangen beiden ieder ruim 4 ton per jaar. Dat bedrag ligt enigszins boven de ‘Balkenende norm’. De maatschappelijke commotie slaat weer toe omdat we hier opnieuw te maken hebben met een organisatie waarvan de aandelen ‘direct dan wel indirect gehouden worden door Nederlandse provincies en gemeenten’, voor ons burgers dus.

Minister Plasterk staat weer met de handen in het volle, grijze haar. ALLIANDER stelt in een reactie op de commotie dat ‘de RvC zich gedwongen voelt deze beloning te effectueren gezien de verslechterde positie op de arbeidsmarkt’. Waar hoorden we dat eerder?

Op zich maakt het mij niet zoveel uit wat een bestuurder verdient. Interessanter vind ik het hoe e.e.a. zich verhoudt tot cultuur, kernwaarden, MVO e.d. waarop menig organisatie prat gaat, ook ALLIANDER. Je hebt al die uitingen tenslotte niet voor niets. Wat blijkt: bestuurders Molengraaf en Van Lieshout baseren hun handelen samen met, blijkbaar binnen de Balkenende norm vallende, Ingrid Thijssen op ‘Fatsoen en Respect’. Da’s mooi……

Vacatures

Adviseur Asset Management (Arnhem)

Functieomschrijving   Adviseur Asset Management Elektriciteit Sweco zoekt een energieke adviseur Asset Management Elektriciteit. Ben jij iemand die energie krijgt van het ontwikkelen van een d... Bekijk alle vacatures

Advertorial

Angst als Wapen in de Politiek

Vooral de vanuit de naoorlogse bestuurssystemen ingevoerde sociale vangnetten en andere ter bescherming opgerichte instellingen hebben ervoor gezorgd dat inwoners van de ontwikkelde landen tot nu toe werden verlost van de knagende gevoelens van onveiligheid en angst die het politieke leven tussen 1914- 1945 hadden beheerst.  Er zijn redenen om aan te nemen dat hier verandering in gaat komen. Angst is aan het terugkeren als een actief ingrediënt in het politiek leven in westerse democratieën.

Angst voor terrorisme, maar ook en misschien wel verraderlijker, angst voor de onbeheersbare snelheid van de veranderingen, angst voor het verlies van werk, angst om in een tijd van steeds ongelijkere spreiding van middelen terrein aan de anderen kwijt te raken, angst om de greep op omstandigheden en routines van het dagelijks leven te verliezen. En daar allemaal wellicht nog bovenuit leeft de angst dat het niet alleen voor onszelf steeds moeilijker wordt om ons leven richting te geven, maar dat ook de gezagsdragers de greep daarop zijn kwijtgeraakt.

Nederlandse Immigratiepolitiek

De Nederlandse economie bezit momenteel kenmerken die voor ons land  uniek, maar ook in een  internationale context zeer bijzonder zijn. Nooit eerder gold voor Nederland namelijk de volgende combinatie van factoren:

  • een zeer vermogend land met een hoge levenstandaard;
  • het dichtstbevolkt onder de ontwikkelde landen;
  • een vergrijzende en op termijn dalende bevolking;
  • een bevolking met een sterke voorkeur voor vrije tijd;
  • een bevolking met een afkeer van bepaalde vormen van arbeid;
  • een maatschappij gekenmerkt door het mijden van risico`s, hang naar zekerheid en een geringe bereidheid tot veranderen;
  • een economie, waarin driekwart van de productie in de dienstensector tot stand komt.

Bovengenoemde kenmerken van de Nederlandse samenleving duiden op een volgroeide en verzadigde maatschappij. Vergrijzing en een afnemende bevolkingsgroei die uiteindelijk omslaat in een bevolkingsdaling zijn verschijnselen waarmee alle ontwikkelde landen te maken krijgen (zie Japan).

Het begrip Werkloosheid vereist een nieuw etiket .

Niet alleen de politiek/overheid maar ook bedrijven moeten de draai naar een gehorizontaliseerde  samenleving maken (een samenleving waarin mensen, bedrijven en maatschappelijke organisaties in netwerken samenwerken, kennisdelen en communiceren). Maar er is een belangrijk verschil tussen de private en publieke sector.

Bedrijven die zich niet tijdig aanpassen aan de nieuwe realiteit van het Kennis en Innovatietijdperk worden genadeloos afgestraft. Omdat de Nederlandse overheid niet failliet zal gaan, is de dwang bij politici om noodzakelijke veranderingen en vernieuwingen door te voeren helaas niet aanwezig. Jongere generaties wordt daardoor een aansprekend perspectief van Nederland ontnomen. De negatieve gevolgen daarvan zullen groot zijn maar pas op termijn zichtbaar worden.

Voor het doorvoeren van noodzakelijke veranderingen en vernieuwingen zijn leiders nodig. Managers zijn er volop te vinden, goede leiders zijn veel zeldzamer. Een manager moet er voor zorgen dat de opgedragen taken op een juiste manier, met inachtneming van de ter beschikbaar gestelde middelen, worden gedaan. Leiderschap houdt ondermeer de competentie in om noodzakelijke veranderingen en vernieuwingen in het belang van de toekomst van Nederland op basis van maatschappelijke draagkracht tot stand te brengen.

Het verband tussen de val van de Muur en de Financiële Crisis

De tweede helft van de afgelopen eeuw was het toneel van de Koude Oorlog. Die draaide niet alleen uit op een confrontatie tussen ideologieën, maar ook tussen twee operationele vormen van uitvoering op het gebied van economie: de vrije markteconomie versus de centraal geplande economie.

In de economie worden vrijwel nooit gecontroleerde experimenten uitgevoerd. Maar zelfs in een laboratorium was geen beter experiment mogelijk waarbij je de uitkomst van de situatie van Oost – met die van West- Duitsland kon vergelijken.

Het uitgangspunt van beide landen was min of meer identiek. Na de Tweede Wereld oorlog begonnen ze met de zelfde cultuur, dezelfde taal, de dezelfde geschiedenis en de dezelfde normen en waarden. Vervolgens stonden ze veertig jaar lang aan weerszijden van een scheidslijn en vond er vrijwel geen handel tussen beide landen plaats. Vandaar dat je kan vaststellen dat het verschil in ontwikkeling van de twee landen dat hier werd uitgetest, het verschil was tussen twee politieke en economische systemen: marktkapitalisme versus centrale planning.

Hoe kan Nederland nu eens eindelijk uit de Crisis komen?

Met enige regelmaat proberen gezaghebbende personen ons te doen geloven dat de economische impasse, voortkomende uit de bank/kredietcrisis, voorbij is. Het oude adagium ”wie niet werkt, zal ook niet eten” wordt overstemd door de wijsheid dat “wie niet uitgeeft, de economische groei in gevaar brengt”. Echter in het tijdperk na 2008 zijn mensen op emotioneel niveau niet aan te zetten (zo is inmiddels duidelijk gebleken) tot blinde consumptie of bestedingen, simpelweg omdat “het systeem” dat van hen verwacht.

Er zijn twee kernoorzaken van de nog steeds voortdurende economische impasse :

Gemeenten de beste Broedplaatsen voor de Kenniseconomie

Zo`n vierduizend jaar geleden had een Egyptische Farao een droom waarin hij een macro- economische prognose voor de komende veertien jaar zag: zeven vette en zeven magere jaren. De cyclus (eerst overvloed en dan honger) werd opgevoerd noch als straf noch als beloning voor enig handelen van de mens. Het is eerder een soort test: is de mens wijs genoeg om verstandig te reageren op wat hij op zich af ziet komen. Bouw overschotten op in de goede tijden: consumeer gedurende die jaren niet de gehele oogst, maar bewaar voldoende voor de zeven slechte jaren.

Het mooie van dit verhaal is dat het zo simpel is dat zelfs een kind dit kan begrijpen. Het angstaanjagende eraan is, dat het aangeeft hoezeer wij tegenwoordig zijn afgedwaald van de essentiële les die dit verhaal ons te bieden heeft.  De EU- regels voor de Euro schrijven voor, dat het begrotingstekort ten hoogste 3 procent van het BBP mag zijn, maar die regel veranderde in de praktijk al snel van “3 procent is het plafond in 3 procent is o.k.”. Psychologisch gaan wij met de 3 procentnorm om als of dit het begrotingsevenwicht zou zijn. Voor elk tekort kleiner dan die drie procent gaan de handen op elkaar. Waar komt die mentaliteit vandaan? En waarom praten wij alleen maar over het terugdringen van begrotingstekorten, terwijl het gesprek eigenlijk hoort te gaan over het creëren van begrotingsoverschotten.

Laat Ondernemers het land besturen

Sinds de aanslag van zelfmoordterroristen in de Verenigde Staten is terrorisme verheven tot een ideologische abstractie en als wereldwijde vijand gekwalificeerd. Angst voor terrorisme, maar ook en misschien wel verraderlijker, angst voor de onbeheersbare snelheid van de veranderingen, angst voor het verlies van werk, angst om in een tijd van steeds ongelijkere spreiding van middelen terrein aan anderen kwijt te raken, angst om de greep op omstandigheden en routines van het dagelijks leven te verliezen.

Als we “terrorisme” op een voetstuk plaatsen als de grootste bedreiging van de westerse beschaving, de democratie of “onze manier van leven”, en er een oorlog van onbepaalde duur van maken, lopen we het risico dat belangrijke nieuwe kansen (tengevolge van de overgang van het industriële tijdperk naar het kennis en innovatietijdperk) onze neus voorbij gaan. Om terroristen te kunnen verslaan moet de aantrekkingskracht van hun extremistische ideologie worden geneutraliseerd. Het is dus niet alleen een militaire maar juist ook een intellectuele strijd.  Echter slechts weinig democratische regeringen kunnen de verleiding weerstaan om met die gevoelens van angst politiek hun voordeel te doen.